Ik had dienst op de afdeling pediatrie (kinderen). Dit was zo’n grote spoedafdeling, dat er diverse specifieke afdelingen waren zoals trauma, pediatrie en chirurgie. Tijdens mijn dienst kregen we een zieke baby, die een lumbaalpunctie moest ondergaan. Dit houdt in dat er een vrij forse naald in het ruggenmerg wordt gestoken, om wat vocht uit het ruggenmerg te kunnen nemen voor onderzoeken.

Als verpleegkundige moet je soms je gevoel(igheid) uit kunnen schakelen, ik ervaar het als een soort knop omzetten. Dit vind ik makkelijker als ik begrijp waar de behandeling voor dient, en door de patiënt (tijdelijk) op een meer technische manier te bekijken. Dat klinkt misschien vreemd, maar op die manier ben ik in staat om een wat afstandelijke houding te creëren, waardoor ik beter kan functioneren in stressvolle en of emotioneel beladen situaties.

Wat essentieel is voor deze punctie, is dat de patiënt zijn rug(genmerg) zoveel mogelijk buigt, waardoor het plaatsen van de naald in het ruggenmerg vergemakkelijkt wordt. Hoewel het zeker niet de eerste lumbaalpunctie was waarbij ik had geassisteerd, was het wel de eerste die ik had meegemaakt bij een baby. Mijn opdracht als verpleegkundige was om de baby zoveel mogelijk in de houding te krijgen en zo onbeweeglijk mogelijk te houden, om de behandeling zo vlot en veilig mogelijk te laten verlopen. Nadeel van zo’n kleine patiëntje is natuurlijk dat je niet uit kunt leggen wat hij moet doen, laat staan uitleggen dat hij eigenlijk niet mag bewegen en waarom dit alles gebeurt.

Op het moment dat ik de kleine baby als een soort pop moet samendrukken, wat alles behalve prettig voelt voor hem en mij, kan ik onmogelijk het gevoel wat het geeft toelaten. Het is een grote dualiteit: als (gevoelige) vader zijnde zou ik direct denken aan mijn eigen (jonge) kinderen, en stoppen. Maar aan de andere kant als zorgprofessional weet ik dat dit nodig is om de patiënt (hoe jong ook) uiteindelijk beter te kunnen maken. Om hiermee om te gaan, móet je dus de knop om kunnen zetten, en ik denk persoonlijk dat het iets is wat je kunt of niet kunt. Niet iets wat je makkelijk of misschien überhaupt kunt leren.

Alles werd in gereedheid gebracht voor de punctie. De vrouwelijke kinderarts en haar assistente zijn volledig gekleed voor de uitvoering. De kleine baby ligt op het bed, midden in de kamer, ik heb de ouders inmiddels gevraagd de kamer maar te verlaten, gezien het feit dat hetgeen ze te zien krijgen alles behalve een prettig gezicht is. Gelukkig begrepen ze dit volkomen en hebben ze plaatsgenomen in een wachtkamer, mochten ze willen blijven dan had het zeker gemogen, maar liever niet.

Ik houd de baby als een opgerolde pop vast, het gaat me aan mijn hart. Het voelt erg onnatuurlijk, maar ik weet mijn emoties te onderdrukken, omdat ik weet dat het noodzakelijk is. Wat zal het er apart uit hebben gezien: ik ben een grote vent (met een heel klein hartje), tel daarbij een kale kop, een baard en kolenschoppen van handen en een bepaald beeld kan snel geschapen worden. En dat zal de arts ook bedacht hebben toen ze zei: ‘Druk je de baby niet dood?’

Dat vooroordeel deed verschrikkelijke pijn, waarom kon de arts mij niet zien toen ik dezelfde baby na de punctie in mijn armen kon troosten, zodat het rustig werd en ik haar aan haar ouders kon overdragen en zij zich minder zorgen hoefde te maken. Waarom kon de arts mij niet zien, toen ik mijn zoon van vier jaar oud verzorgde toen hij in een langdurige epileptische aanval zat.

Waarschijnlijk bedoelde deze arts er niets slechts mee. Maar het deed zoveel pijn omdat ik mijn hele leven al tegen deze vooroordelen aanloop. Het heeft me veel gekost, banen die ik niet kreeg, straffen op school die niet verdiend waren, afwijzingen voor sollicitaties, onterechte aanhoudingen door politie (zonder geldige reden) en ga zo maar door.

Maar het kan ook anders. Ik werkte als verpleegkundige op een algemene afdeling, in mijn dienst had ik een gesprek met de dochter van ‘mijn’ patiënt. In dit gesprek gaf ze aan dat ze wanneer ze mij zag, de associatie had met een motorbendelid. Gelijk zei ze daar achteraan dat het niet klopte, omdat ik heel zorgzaam en goed was voor haar vader. Een mooi compliment en een voorbeeld dat me helpt wanneer ik weer eens in een situatie ben waarbij ik de knop even moet omzetten.

Posted by Martien Strik

Mijn passie ligt bij de acute en intensieve zorgen, voor dat ik met de verpleegkundige opleiding ben begonnen, heb ik gewerkt als chauffeur bij de huisartsenpost, Mobiele Intensive Care Unit en ambulancedienst in Nederland. In 2011 ben ik afgestudeerd aan de HBO V opleiding, waarna ik in Nederland als verpleegkundige heb gewerkt op diverse afdeling en functies: o.a. op de spoedeisende hulp, de acute opname afdeling, de afdeling hartbewaking maar ook binnen de evenementen hulpverlening (laatste tijd ook als Adv. Life Support Verpleegkundige). Onlangs ben ik weer terug komen wonen in Nederland (Groningen) Na 2,5 jaar in België gewoond en gewerkt (op de intensive care, de ambulancezorg en de spoedeisende hulp) te hebben. Hier woon ik samen met mijn lieftallige echtgenote en 2 jonge zonen. Momenteel werk ik als specialistisch verpleegkundige binnen het technisch thuiszorg team en als verpleegkundig-ambulancier- hulpverlener. Mijn ambitie is om in de toekomst de opleiding tot ambulanceverpleegkundige te kunnen volgen. Naast mijn passie voor de acute zorg, beoefen ik al meer dan 12 jaar de Japanse krijgskunsten Aikido en Iaido, hierin heb ik ook meerdere jaren les gegeven.

Helemaal (niet) mee eens of heb je een vraag? Laat een reactie achter: